De man die niet ophield met slapen

De Joodse Erwin is nog een kind als de Tweede Wereldoorlog uitbreekt. Hij overleeft de Holocaust dankzij opsluiting in een kelder, en wordt na de oorlog door een groep vluchtelingen meegevoerd naar Palestina. Daar wacht hem geen vrijheid, maar een nieuwe periode van geweld.
Onderweg naar Palestina en wanneer hij in Palestina een bestaan opbouwt, wordt Erwin doorlopend overmand door slaap. Dagenlang kan hij slapen, ter compensatie van fysieke en geestelijke uitputting. Soms krijgt hij vrij van zijn werktaken en mag hij eraan toegeven.
Tijdens zijn dromen spreekt hij met zijn ouders, familieleden en vrienden uit zijn leven van voor en tijdens de oorlog.

Droombeschrijvingen in romans verleiden je als lezer doorgaans tot rap doorbladeren. Lezen over een droom is al snel een vervelende bezigheid.
Niet in deze roman.
Appelfeld slaagt erin zijn droomsituaties even geloofwaardig te maken als de gebeurtenissen die Erwin meemaakt wanneer hij wakker is. De droomscènes lezen daardoor als flashbacks en komen niet vervreemdend over.

Erwin verandert zijn naam onder druk van de vluchtelingenleider in Aharon. En net als personage Erwin werd Aharon Appelfeld in 1932 in de Oekraïne geboren. Die gelijkenissen tussen fictie en feiten kunnen niet toevallig zijn.
Een indrukwekkend boek, dat je doet besluiten meer van deze auteur te lezen, als dit de eerste kennismaking was. Niet verwonderlijk dat Appelfeld is genomineerd voor de Man Booker International Prize. De oeuvreprijs wordt uitgereikt in London op 22 mei 2013.

De man die niet ophield met slapen – Aharon Appelfeld
2012, uitgeverij Anthos.