Illustratie wekkers

Illustratie: Floor Vlaskamp

Vannacht gaat de zomertijd in, we zetten de klok een uur vooruit. De zomertijd is ooit ingesteld om te profiteren van een extra uur zon per dag, en zo energie te besparen. Wat je misschien niet weet, is dat het ook energie kóst.

We leven nog niet zo heel lang met een zomer- en wintertijd. De eerste keer dat de zomertijd werd ingesteld, was tijdens de Eerste Wereldoorlog. Om kolen te besparen. Na de oorlog is de zomertijd weer afgeschaft. Tijdens de Tweede Wereldoorlog stelde de bezetter de zomertijd opnieuw in, nu om de tijd gelijk te laten lopen met die van Duitsland. Dat betekende dat de klok 1 uur en 40 minuten vooruitgezet moest worden. In 1946 werd de zomertijd weer afgeschaft.
In 1977, tijdens de oliecrisis, is de zomertijd weer ingesteld. Ook nu weer om energie te besparen.

Slaaptekort

Toch vindt Marijke Gordijn, doctor in de humane chronobiologie*, het beter om de zomertijd af te schaffen. De wintertijd is onze ‘gewone tijd’, zegt Gordijn, en past het beste bij onze biologische klok. ‘Onze biologische klok duurt eigenlijk iets meer dan 24 uur. Als je er niets aan doet begin je steeds meer uit de pas te lopen. Om dat te voorkomen heb je licht in de ochtend nodig. Dat het door de zomertijd ’s avonds langer licht is, maakt dat je je klok verzet naar een later tijdstip. Krijg je veel van dat avondlicht, dan val je later in slaap en komen de meeste mensen uiteindelijk slaap tekort. Wat mij betreft mogen ze de zomertijd dan ook afschaffen.’

Conclusie

Door de zomertijd gebruiken we minder elektriciteit en gas, maar teren we wel in op onze lichamelijke energievoorraad. Hoeveel zou dat de economie eigenlijk kosten?

*Chronobiologie is de wetenschap die het bioritme van het lichaam bestudeert.